Er zijn van die vragen die je in Nederland gemakkelijk kunt uitstellen. We hebben het druk en de agenda zit vol. We maken ons zorgen over de hypotheek, de brandstofprijzen, een kapotte wasmachine of een vakantie die nét iets duurder uitvalt dan gepland. Natuurlijk zijn dat echte zorgen. Maar ondertussen lukt het ons ook aardig om de grootste vragen van het leven een beetje op afstand te houden. Totdat je in een land komt waar de dood elke dag langskomt …
Onder vuur
Onlangs reisde ik naar Oekraïne. We verbleven in Irpin, een voorstad van Kyiv. Maar los van waar je verblijft in Oekraïne, de oorlog is overal voelbaar. In de verhalen van mensen. In het gekke beeld dat je bijna alleen maar vrouwen op straat ziet. Op de dorpspleinen van elk dorp, groot of klein, waar het aantal foto’s van dode soldaten blijft groeien. In zo veel gezinnen avond na avond een lege stoel aan tafel.
Tijdens de tweede nacht van ons verblijf werd Kyiv onder vuur genomen. Terwijl wij op slechts enkele kilometers afstand op een dakterras stonden te kijken, sloegen Shahed-drones en Ballistische raketten in op een stad die langzaam oranje kleurde. Ik dacht dat we in de hel beland waren. Het waren niet eens de verhalen zelf die me het meest raakten, maar het geloof dat eronder lag.
De diepte in
Tijdens de reis heb ik met veel mensen mogen spreken: weduwes, soldaten, vrijwilligers. En al gauw merkte ik dat Oekraïners de ‘small talk’ overslaan. Ze gaan meteen de diepte in, vertellen hun verhaal over wonden die de oorlog in hun omgeving of gezin geslagen heeft, en geloof me, dat slaat geen huis over. Als ik voorzichtig probeerde samen te vatten hoe verschrikkelijk het moest zijn, begonnen zij over hoop, over geloof. Meer dan eens hoorde ik mensen zeggen: "Als er geen God is ... als er geen verlossing is ..., hoe moeten we dit dan volhouden?" Dat vond ik opmerkelijk.
Kennelijk brandt oorlog veel schijnzekerheden weg. De hoop en hopeloosheid waar je in vredestijd omheen kunt leven, dienen zich ineens met volle kracht aan. Dan gaat het niet meer over carrière, succes of status. Dan gaat het over de vraag of liefde uiteindelijk sterker is dan de dood. Of onrecht ooit rechtgezet zal worden. Of dit leven werkelijk alles is wat er bestaat.
Waag het niet ...
Toen we op een avond met ons reisgezelschap in de woonkamer van ons appartement zaten, deelde ik wat van die observaties. Het gesprek dat volgde eindigde bij een lied van songwriter Marc Scibilia: ‘More to this’. Hij schreef het nadat zijn dochtertje hem ooit vroeg wat er eigenlijk gebeurt als we doodgaan. Dat ene kinderlijke gesprek leidde tot een prachtig nummer. Er zit een zin in die me sindsdien niet meer loslaat: "Don't you dare tell me that there ain't more to this." (Waag het niet me te zeggen dat er hierna niks is).
Ik vind dat een bijzondere zin. Niet omdat het een sluitend antwoord geeft, maar juist omdat het voelt als een protest. Een protest tegen de gedachte dat liefde zomaar ophoudt bij een graf. Dat oorlog uiteindelijk wint.
Ergens diep vanbinnen lijkt ons hart zich daartegen te verzetten. Misschien verlangen mensen niet zo sterk naar de hemel omdat ze zeker weten dat die bestaat. Misschien verlangen we ernaar omdat ons hart weigert te geloven dat de dood het laatste woord mag hebben.
Vasthouden aan hoop
Daarom begint ons christelijk geloof bij iets heel concreets: een leeg graf. Christus is gestorven én opgestaan. Dat betekent niet dat verdriet minder pijn doet. Ook christenen huilen aan een graf (misschien wel juist in Oekraïne!). Maar zij geloven ook dat een graf niet het einde van het verhaal is.
Dat zou een reden kunnen zijn waarom de kerk zo vaak opbloeit op de donkerste plekken van de wereld. Niet omdat gelovigen minder verdriet kennen, maar omdat zij midden in alle wanhoop durven vasthouden aan een hoop die verder reikt dan dit leven. Een hoop die niet afhankelijk is van politieke ontwikkelingen of militaire overwinningen, maar van een lege tombe in Jeruzalem.
Sinds Oekraïne begrijp ik de woorden van Marc Scibilia beter dan ooit. "Don't you dare tell me that there ain't more to this." Nee. Waag het inderdaad niet. Want als Christus werkelijk is opgestaan, is de dood niet het einde van ons verhaal, maar slechts de laatste bladzijde vóór het mooiste hoofdstuk.