O hemelse reisgenoot,
We bewegen ons voort door winterse dagen, in bleek licht gevangen.
De door tranen doorweekte aarde zuigt onze voetstappen vast, doet ons struikelen - deze wereld haalt ons steeds neer.
Te veel berichten tonen onze onmacht om er iets aan te doen - te vaak weten wij niet hoe we uw licht tevoorschijn kunnen roepen.
Wat we waren kwijtgeraakt mogen we ons weer eigen maken - dat U elke stap in ons leven met ons meeloopt.
Elke keer als wij vallen bent U naast ons.
Elke traan heeft U geteld.
Geen verhaal van wanhoop is U onbekend.
Geen beeld van verwoesting ontgaat uw blik.
U bent degene die alles overziet.
Mogen wij dan delen in uw glimlach om het spel van het kind?
De warmte van vriendschap tussen oude bekenden.
De vurigheid van pas ontdekte liefde.
De rimpeling van die ene goede daad die zovelen optilt.
Wat U in deze wereld ziet is zoveel meer dan onze blik toont.
Open ons de ogen, versnel het ritme van ons hart.
Leid onze voet naar begaanbare grond - uw kracht vloeit in ons over.
Deze wereld herscheppen wij terwijl we samengaan.
Amen
Walter Meijles, geestelijk verzorger