'Hun god is hun buik, hun eer is schaamteloosheid en hun aandacht is alleen gericht op aardse zaken..' (Filippenzen 3:19)
God,
Hoe doen we dat: niet alleen gericht zijn op aardse zaken
als dat aardse ons steeds roept, lokt en verleidt
met geld en goed, glorie en aanzien,
duizend volgers op TikTok en Instagram?
Wat is dat toch met ons: steeds vergeten
dat we deel zijn van een groter geheel,
mens onder de mensen,
dat er mensen vóór ons waren
en ook ná ons zullen zijn?
Zijn we zó bang voor de dood
dat we ons verliezen in de waan van de dag?
Dat we denken dat ultieme vrijheid
betekent dat we alleen voor onszelf gaan,
tot onze laatste snik verslaafd aan brood en spelen?
Die bevrijding van U, God – we vergeten het zo makkelijk.
Bevrijd uit Egypte, bevrijd van de dood,
lang geleden, veel te abstract.
Maar bevrijd ván is altijd ook: vrij tót.
Vrij om schaamteloos naar elkaar om te zien
wie we ook zijn en waar we ook vandaan komen.
Vrij om onze aandacht in dit aardse op elkaar te richten,
mensen zoals wij, ooit geboren, steeds op weg.
Hier beneden is het leven, hier beneden gebeurt het:
op uw aarde onder uw hemel.
Leven zoals die ene mens deed, geboren zoals wij,
appel van uw oog en metgezel van ons,
door weer en wind, door vallende bladeren,
door de kale winter het licht van de lente tegemoet.
Dat wij zo mogen zijn.
In Jezus’ naam.
Amen
(door ds. Marieke Fernhout)