Voor voetballiefhebbers zal het toch geen verrassing zijn geweest: profvoetballers die openlijk belijden dat ze gelovig christen zijn. Bij de opkomst op het veld worden al jarenlang driftig kruisjes geslagen, men wijst naar de hemel en dankt God uitgebreid na een doelpunt, en Braziliaanse voetballers als Neymar of Kaka dragen vaak teksten als ‘I belong to Jesus’ onder hun shirt of op hun voetbalschoenen. Kaka liet na zijn carrière zelfs een kerk bouwen. En noemde Maradona het niet ‘de hand van God’, toen hij valselijk een voorzet met zijn hand het doel inranselde tijdens het WK van 1986?
Negativiteit
Kortom: geloof in God bestrijkt alle delen van het leven, dus ook het profvoetbal. Des te merkwaardiger dat voetballer Wout Weghorst de laatste maand bakken negativiteit over zich heen kreeg nadat hij kenbaar maakte dat God hem had geholpen tijdens een Europese wedstrijd. Weldenkend Nederland reageerde direct geïrriteerd. Johan Derksen van Vandaag Inside zei dat Weghorst ‘compleet de weg kwijt was’. Journalist Tim Hofman noemde de spits van FC Twente ‘volslagen krankzinnig: “Pappa God kon even niet met zijn aandacht bij Gaza zijn, want Hij was druk met de Conference League”, aldus Hofman.
Achter de voordeur
Geloof in God mag in dit land; het liefst buiten het zicht en in de privésfeer. Religie is echter niet bedoeld als hobby achter de voordeur, maar is iets dat in het publieke domein altijd een reactie uitlokt. Dat is ten diepste wie God zelf is: Hij maakt zich kenbaar, openbaart zichzelf, in onze werkelijkheid. Dus ook de werkelijkheid van een voetbalveld. Dit openbaren leidt tot navolging (zoals veel gelovigen die zich herkennen in de ervaring van Weghorst) óf tot de afkeuring en hoon door types als Derksen en Hofman. Dat we leven in een tijd waarin alles zichtbaar is en door iedereen op sociale media van een ongenuanceerde mening wordt voorzien, helpt niet mee.
Gelijkspel
Tot slot: heeft Weghorst gelijk? Helpt God hem en FC Twente aan goede uitslagen? Die laatste vraag is niet relevant. Het geloof helpt Wout Weghorst, en helpt hem dus ook in het voetballende werk dat hij doet. Maar God zorgt er helaas niet hoogstpersoonlijk voor dat iedere penalty onhoudbaar in de kruising vliegt. Of hoe Johan Cruijff het destijds verwoordde: “Als iedere voetballer op het veld bidt voor de overwinning, zou iedere wedstrijd in een gelijkspel moeten eindigen.”