Doorgaan naar hoofdinhoud
Vindplaats van geloof, hoop en liefde
subline-curl
Abonneer je op Petrus Magazine

Wat vraagt de Heer nog meer van ons

Lied 992 uit het Liedboek (+ toelichting).

Wat vraagt de Heer nog meer van ons
dan dat wij recht doen en trouw zijn
en wandelen op zijn weg?

Wat vraagt de aarde meer van ons
dan dat wij dienen en hoeden
als mensen naar Gods beeld?

Wat vragen mensen meer van ons
dan dat wij breken en delen
als ons is voorgedaan?

Het is de Geest die ons beweegt
dat wij Gods wil doen en omzien
naar alles wat er leeft.

Tekst: William Livingstone Wallace – ‘What does our God require of us’ (vertaling Wim van der Zee)
Muziek: Arie Eikelboom    
© makers

Toegelicht: Wat vraagt de Heer nog meer van ons

(door dr. Oane Reitsma, predikant van de Protestantse Gemeente Enschede)

Essentie van het geloof

Hoe breng je het geloof terug tot zijn essentie? ‘Zolang je maar een beetje goed voor elkaar bent’, zeggen mensen soms, ‘daar gaat het om’. Dat kan als een dooddoener overkomen, omdat het weinig recht doet aan de spirituele rijkdom van het geloof. Toch overtuigt dit lied ons ervan dat de verantwoordelijkheid voor de ander en voor de schepping centraal mag staan. Een lied dat overigens een Engelstalige oorsprong had, maar in de Nederlandse versie (van Wim van der Zee) een nieuwe melodie kreeg (van Arie Eikelboom).

Retorische vraag

Ieder couplet van het lied bestaat uit één zin. De eerste drie coupletten (‘Wat vraagt de Heer/de aarde/mensen meer van ons …?’) zijn steeds een retorische vraag – een vraag waarin het antwoord al besloten ligt. Ze zijn ontleend aan het bijbelboek Micha (6:8), waar de tekst van het eerste vers nagenoeg mee samenvalt. Dit couplet wijst op de morele aanwijzingen die God Zijn volk onderweg meegaf: recht doen, trouw zijn en Gods Woorden ter harte nemen (‘wandelen op Zijn weg’).

Couplet 2 werkt dat verder uit. Het gaat namelijk niet om het domweg volgen van de ‘regels’ van Gods Woorden, maar die Woorden dienen ergens toe, namelijk: we hoeden de aarde ermee en behoeden elkaar voor onrespectvol en daardoor onmenselijk met elkaar omgaan. Altijd is die aarde immers Schepping van God, en ieder mensenkind is naar Zijn beeld geschapen. Zo moeten we aarde en mens ook behandelen: hen onrecht doen, is God onrecht doen.

Het derde couplet maakt het uitgangspunt van het eerste, ‘recht doen’, nog rijker in betekenis. Hoe doe je namelijk recht? Door met elkaar te breken en te delen ‘als ons is voorgedaan’. Hier komt de persoon van Jezus om de hoek kijken, die immers voor duizenden brak en deelde, en zo voordeed wat God met deze wereld voor had.

Geest

Welbeschouwd gaat het tweede couplet dus over God (Schepper), het derde over Jezus (die deelde) en het vierde inderdaad over de Geest. Het is het enige couplet dat niet uit een vraag bestaat, maar uit een constaterende zin. Wel veronderstelt die zin een vraag, namelijk: waarom zouden wij eigenlijk Gods wil doen en de aarde behoeden? Het antwoord is eenvoudiger dan je zou kunnen vermoeden: de Geest zet ons ertoe aan. Met andere woorden: we zijn ertoe geroepen in ons mens-zijn. Daarmee lijkt de redenering rond: goed doen voor alles wat leeft heeft een betekenis in zichzelf. Wie goed doet, goed ontmoet, namelijk: Gods genade.

Dit lied werd gezongen in de laatste aflevering van 'Petrus in het land' (18 september, KRO-NCRV). Bekijk of lees ook de overdenking van ds. Anne-Meta Kobes:

 

Elke week het beste van Petrus online

Ontvang de wekelijkse nieuwsbrief