Doorgaan naar hoofdinhoud
Vindplaats van geloof, hoop en liefde
subline-curl
Abonneer u op Petrus Magazine

Leestip: de worstelingen der dieren bij Toon Tellegen

Wat is het geheim van de dierenverhalen van Toon Tellegen? “Ieder verhaal heeft toch weer een nieuwe twist, een nieuwe hersenkronkel, een nieuwe ontroerende eyeopener.”

Soms kom je op onverwachte plaatsen geloof, hoop en liefde tegen. Petrus vist de pareltjes voor u op! Tips? Mail naar petrus@protestantsekerk.nl.

Een tijdje geleden stond ik met één van onze kinderen voor de boekenkast. “Pap, hoeveel heb je eigenlijk van Toon Tellegen?!” Het was meer een uitroep dan een vraag.

Ik heb inderdaad niet weinig van deze schrijver. Vooral zijn dierenverhalen zijn me zeer lief. Honderden heb ik ervan gelezen. En nooit gaan ze me vervelen. Sterker nog: ieder dierenverhaal heeft toch weer een nieuwe twist, een nieuwe hersenkronkel, een nieuwe ontroerende eyeopener.

Het zal u niet verbazen dat ik daarom 'De Vuurzeevlieg', Tellegens nieuwste worp, vorig jaar op mijn sinterklaaslijstje had gezet. Gelukkig kent de Goedheiligman mijn verlangens en voorliefdes, dus zonder enige scrupules deed hij het in de zak.

Intussen heb ik deze bundel uit. Daarin staan 17 verhalen. Het begint met het vuurvliegje. Dit dier wil dat hij groot en ontzagwekkend is, hij wil nooit meer dat verschrikkelijke 'je' achter zijn naam. Hij vindt dat verkleinwoord heel erg (ik herken dat trouwens) en praat hardop in zichzelf: “Ik zeg toch ook niet: dag miertje, dag neushoorntje?” Daarom schrijft hij een brief aan alle dieren waarin hij zijn naamsverandering aankondigt. Voortaan zal hij vuurzeevlieg heten en geheel vrijblijvend kan hij op verjaardagen voor een vrolijke vuurzee zorgen. En dan geen vuurzeetje...

Maar 's avonds komt hij tot zichzelf en bedenkt opeens dat het onterecht is dat hij zo verongelijkt doet. Hij geeft toch licht? Welk dier doet dat nog meer? De gloeiworm? Maar die gloeit, en dat kun je toch geen licht geven noemen. Verder niemand... En hij schudt z'n hoofd, zodat z'n hele vensterbank verlicht wordt.

Veel verhalen gaan over de worstelingen van de dieren: de giraf die z'n steeltjes kwijtraakt, omdat die voor zichzelf begonnen zijn; de pad met z'n boosheid; de snoek met de waarheid; de duizendpoot met de modder waarin hij vastzit en het wrattenzwijn met z'n naam. Maar uiteindelijk is er toch altijd weer een verrassende catharsis, waarin de dieren zichzelf aanvaarden. Dit klinkt soft, maar daar is de stijl van Tellegen veel te spitsvondig en absurdistisch voor.

Een extra pluim geef ik graag ook nog aan Carll Cneut voor zijn prachtige illustraties. Hier en daar las ik de kritiek dat zijn stijl te donker zou zijn voor de lichtvoetige verhalen van Tellegen. Die kritiek deel ik geenszins, want a) zijn die verhalen helemaal niet zo lichtvoetig en b) zijn de tekeningen ook niet altijd donker. Cneut heeft de dieren behoorlijk 'menselijk' getekend (vaak met kleren aan en in andere groottes dan in real life), en dat past juist heel goed bij de dierenwereld van Tellegen, waarin de dieren gelijk in grootte en nogal filosofisch ingesteld zijn.

Kortom: ik ben erg blij met deze aanwinst in mijn rijke Tellegen-collectie!

Lees ook:

Elke week het beste van Petrus online

Ontvang de wekelijkse nieuwsbrief