Doorgaan naar hoofdinhoud
Vindplaats van geloof, hoop en liefde
subline-curl
Abonneer je op Petrus Magazine

Koken voor de ziel

Elsbeth Gruteke houdt van koken en heeft zelfs een speciale ‘keukenboekenkast’. Een van haar nieuwste aanwinsten is ‘Flavour’, een boek vol groenterecepten van Yotam Ottolenghi.

Ik houd van koken. Dat heb ik niet van een vreemde: toen in de jaren 60 heel Nederland nog te lang gekookte bloemkool met een papje at, kookte mijn moeder al Indisch en Indiaas. ‘Het Groot Indonesisch Kookboek’ was bij ons thuis een Bijbel - een vieze Bijbel, want er kwamen steeds meer vlekken op tijdens het koken. Ik ging uit huis en nam de recepten van mijn moeder mee, en als ik er op mijn kamertje in Amsterdam niet uitkwam belde ik haar op om advies te vragen. Na een paar jaar verhuisde ik naar een straat naast de Albert Cuyp-markt, dat was het begin van het grote experimenteren met allerlei soorten groente, vis en wat er nog meer te koop was. Daar ben ik nooit meer mee gestopt. 

Voor koken heb je inspiratie nodig, anders blijf je in je kringetje van steeds dezelfde recepten draaien. Altijd maar weer rode poon in folie, of curry met groene curry-paste, of dat agv’tje (aardappel, groente, vlees -  al eten we bijna geen vlees meer nadat onze dochters het vegetarische pad zijn gaan bewandelen).

Die inspiratie vind ik bij bepaalde kookboekschrijvers. Zo staat er in mijn keukenboekenkast, ja die heb ik, een rijtje boeken van Jamie Oliver, van Indiase koks en sinds een paar jaar ook van Yotam Ottolenghi. Een Israëlisch-Britse kok die is geboren in Jeruzalem en na een globetrotterig leven is neergestreken in Londen. Hij is inmiddels Brit geworden en schrijft regelmatig voor The Guardian. 

Wat de recepten van Ottolenghi zo aantrekkelijk en vooral lekker maakt, is dat hij een aantal fijne keukens met elkaar combineert. Daardoor ontstaat een soort universele Midden-Oosten keuken. Bijzonder dat een deel van de wereld met zoveel tegenstellingen, op culinair gebied zoveel deelt. Zo eten Israëli’s en Palestijnen graag dezelfde salade van kleingesneden peterselie, komkommer, tomaten en olijven. De ene noemt het een Israëlische salade, de andere een Palestijnse salade. Ottolenghi overstijgt die verschillen en laat zich wijselijk niet uit over politiek. 

In Flavour, het nieuwste boek van Ottolenghi, staat groente centraal, lang een ondergeschoven kindje in de keuken waar het toch vaak gaat over vlees of vis. Flavour - wat je kunt vertalen met ‘aroma’ of met ‘geur’ - is een receptenboek én een lesboek. Ottolenghi leert je een aantal technieken - blakeren, bruinen, infuseren en rijpen, en een aantal smaken - zoetheid, vetheid, zuurheid en chili-hitte. Als je die acht gaat combineren ontstaan er mooie en lekkere recepten zoals aardappelgratin met limoen en kokos, tofu met kardemon, korma met tofu-gehaktballetjes enzovoort.  En natuurlijk staan er prachtige foto’s in het boek die mij meteen toeroepen: kook mij! Een klein nadeel bij Ottolenghi is de hoeveelheid ingrediënten die je nodig hebt voor zijn recepten. Gelukkig schrijft hij dat je je kruidenkast langzaam op kunt bouwen en kunt verrijken met onmisbare ingrediënten als ancho-chilipeper, miso en tamarindepasta. Een goede relatie met je lokale toko is aan te bevelen. 

Koken heeft voor mij iets meditatiefs. In de keuken staan, bezig zijn met je handen, ruiken, proeven, in een bepaald ritme komen en dan ook nog iets maken dat je zelf of samen met anderen met smaak kunt opeten, het is goed voor mijn ziel. Koken is geen wedstrijd, je kunt er niet voor slagen of zakken, kortom: het is iets fijns voor iedereen. Ottolenghi geeft mij met zijn nieuwe boek inspiratie. Ik heb nu al zin om de keuken in te gaan!

Elke week het beste van Petrus online

Ontvang de wekelijkse nieuwsbrief

Foto: Unsplash